BLACK BOX | Generatieve AI: wat is de macht én kracht van de culturele en creatieve sector? 6 september 2026
Lees en kijk op deze pagina het hele Paradisodebat 2026 terug! En ben je benieuwd wat de meningen zijn over het debat? Bekijk dan ook de recensies.
VIDEO: LIVESTREAM TERUGKIJKEN
Kijk HIER het Paradisodebat 2026 terug.
VOORDRACHTEN VAN DE SPREKERS
– Opening door Jeroen Bartelse, voorzitter Kunsten ’92
– Keynote door Bert Hubert en zijn powerpointslides
– Link naar LinkedIn bericht Payal Arora
RECENSIES VAN HET PARADISODEBAT IN DE MEDIA
– NRC 6 september 2026
– Theaterkrant 7 september 2026
– Cultuurpers 6 september 2026
VERSLAG DOOR EDO DIJKSTERHUIS
Verslag liever als PDF? Klik dan HIER.
Het Paradisodebat zit altijd dicht op de maatschappelijke en politieke actualiteit maar zelden was het onderwerp van discussie zo’n heet hangijzer als dit jaar. Niet alleen omdat de meningen over gebruik, herkomst en mogelijkheden van kunstmatige intelligentie zo verdeeld zijn, maar ook omdat het onderwerp zoveel nog onbeantwoorde vragen oproept. ‘Black box’ was dan ook een zeer passende titel. Die werd verder aangescherpt door de ondertitel ‘Generatieve AI: wat is de macht én kracht van de culturele en creatieve sector?
Jeroen Bartelse nam in zijn inleiding al een voorschot op het antwoord door te stellen dat “er iets gebeurt in het ploeteren”, het creatieve maakproces dat door AI met het grootste gemak van de wereld wordt overgenomen. De voorzitter van Kunsten ’92 constateerde dat we door AI anders zullen gaan schrijven, maken, ontwerpen, kijken en zoeken. En dat daarmee geldt: “AI is cultuurpolitiek.” Bartelse haalde het recente rapport van de Raad voor Cultuur aan waarin wordt gepleit voor ‘beschermen en benutten’, de noodzaak om spelregels op te stellen maar ook open te staan voor de mogelijkheden van de nieuwe technologie. En hij benadrukte dat deze digitale revolutie onmogelijk zou zijn geweest zonder de cultuursector, die in wezen ‘hofleverancier’ is van de AI-industrie, die haar modellen traint met het werk van creatieven.
Tijdens het korte publieksrondje waar moderator Rosalie Dielesen mee aftrapte, overheerste het optimisme. De opkomst van AI werd vergeleken met de uitvinding van de auto een dikke eeuw geleden: verzet tegen deze vooruitgang zou zinloos zijn en regelgeving om veiligheid te garanderen is een kwestie van tijd. Maar er was ook een kritische noot: AI is de verboden vrucht die ons denkvermogen uitschakelt.
Keynote-speaker Bert Hubert waarschuwde voor al te gepolariseerde stellingname. De softwareontwikkelaar, entrepreneur en zelfbenoemde nerd zei “een hekel te hebben aan AI en er toch positief tegenover te staan”. Het is volgens hem echter belangrijk om de zaken helder voor ogen te houden. Dat AI indrukwekkende prestaties levert, betekent niet dat het goed, ethisch verantwoord, nuttig of zingevend is. Wat het wel is, hangt af van ons als gebruikers. We moeten daarbij minder afhankelijk worden van Amerikaanse bedrijven en als Europa meer en slimmer investeren in eigen AI. De 30 miljard euro die nu in Europese AI-fabrieken wordt geïnvesteerd, is volgens Hubert even betekenisvol als het geld pompen in papierfabrieken en drukpersen als je de literatuur wil stimuleren. “Europa schoffelt geld in systemen die lijken op het Amerikaanse model en zou beter moeten nadenken over alternatieven.” Hij stelde het Duitse Next Frontier AI-programma ten voorbeeld, dat gedurende twee jaar tien ontwikkelteams ondersteunt met 125 miljoen euro, om vervolgens de drie beste te laten doorgaan met 1 miljard euro elk.
Dat kunstenaars niet afwijzend staan tegenover AI en zelfs graag de nieuwe mogelijkheden onderzoeken, bleek uit het intermezzo met beeldend kunstenaar Hans van Houwelingen. Samen met collega Berend Strik heeft hij een gebrandschilderd raam ontworpen voor Paradiso, waarin hij de staat – of beter gezegd: de machtsverhoudingen, samenwerkingen en politieke stromingen binnen die staat – liet vertalen door een algoritme. Dat resulteerde in een compositie met gekleurde cirkels tegen een hemelsblauwe achtergrond. Op de vraag of hij zich in zijn creativiteit en levensonderhoud bedreigd voelde door AI, antwoordde Van Houwelingen laconiek: “We zullen ons ertoe moeten verhouden. Als beeldend kunstenaar bungel je toch al aan de onderkant van de maatschappij, dat zal door AI niet veranderen.”
In het eerste panelgesprek was ook ruimte voor nuance maar overheersten de zorgen. “Ik ken mensen die hun banen kwijt zijn geraakt door AI, maar heb ook meegewerkt aan een film die gemaakt is met AI”, illustreerde Johan van der Voet zijn ambigue houding. De componist en sounddesigner ziet absoluut de voordelen van bijvoorbeeld getrainde software om ruis uit opnames te filteren, maar hekelde de “zielloze AI-deuntjes” die via streamingdiensten worden verspreid en echte artiesten uit de markt drukken. Daarin kreeg hij bijval van Jean Charles Counet. De cameraman en regisseur was in het begin enthousiast over de nieuwe technologie en noemde AI zelfs “de grootste uitvinding sinds de uitvinding van film zelf”. Maar ook hij ziet tegenwoordig de bezwaren van een technologie die zich voedt met menselijke creaties zonder daarvoor te betalen en ze vervolgens zelf te gelde maakt. Vooruitlopend op verwachte regelgeving voorziet hij zijn eigen films van een watermerk, die de authenticiteit moet garanderen.
Die echtheid is ook de grootste zorg van Nanet Beumer. “Daarom zijn wij voor duidelijke bronvermelding”, zei het Hoofd Digitaal en Marketing van het Rijksmuseum, dat AI nu gebruikt om de gedigitaliseerde collectie toegankelijker te maken. Van der Voet, die AI “de grootste goudroof van de eeuw” noemde, vindt dat wettelijk moet worden vastgelegd dat AI geen auteursrechten krijgt toegekend. Ook Counet pleitte voor een aanscherping van het auteursrecht.
De twee experts die bij wijze van ‘geweten’ reageerden op het eerste panelgesprek, erkenden de problemen maar wezen op stappen die al worden ondernomen. Volgens Stefan Heijdendael, strategisch adviseur NPD Media, wordt momenteel in Brussel gewerkt aan auteursrechten en zou het samenwerkingsverband tussen media en ChatGPT-NL kunnen dienen als blauwdruk. “We moeten een Europees AI-model opschalen en niet meegaan in de Amerikaanse techrace.” Het gebruik van Amerikaanse AI is echter niet te verbieden, stelde Tim Schoot Uiterkamp, beleidsmedewerker Kennis en Onderzoek van Stichting Democratie en Media. “Maar informatie moet wel herleidbaar zijn, er moet duidelijk zijn wie ervoor verantwoordelijk is en ze moet te controleren zijn.” Heijdendael voegde daar nog een vierde kernwaarde aan toe: “Er moeten copyrightafspraken komen, want content is niet gratis.”
Auteursrechten werden vervolgens door Payal Arora afgedaan als “romantische illusie, die toch al nooit heeft gewerkt voor de meeste creatieven”. De hoogleraar Inclusieve AI Culturen aan de Universiteit Utrecht kreeg in een één-op-één interview ruim baan om AI te promoten als middel om creativiteit juist te democratiseren. Maar om de potentie te benutten zullen we mondiaal moeten denken en leren van niet-westerse landen, de ‘global south’ in het bijzonder, waar het sentiment rondom AI veel optimistischer is. “We moeten AI wel trainen om de wereld op een andere manier te bekijken”, bekritiseerde ze de witte, westerse bias van bestaande modellen. Als adviseur van de Indiase regering staat Arora aan de wieg van een eigen digitale infrastructuur, waarbij gebruikers betalen voor datasets.
In reactie op de vraag uit de zaal of al die AI-ontwikkeling, met buitensporig gebruik van elektriciteit en water, niet de klimaatverandering aanjaagt die arme landen onevenredig hard raakt, toonde Arora zich een standvastig gelover in technologische vooruitgang. “Bedrijven werken hard aan het verbeteren van efficiëntie. En AI kan helpen bij het verzinnen van oplossingen voor klimaatverandering.” Ook voor de slechte arbeidsomstandigheden van honderden miljoenen AI-trainers had zij een eenvoudig antwoord. “Die moeten zichtbaar worden”, zei zij over de slecht betaalde en geestdodende ‘microjobs’, zonder te specificeren hoe dat moet gebeuren en wie betere arbeidsvoorwaarden moet afdwingen.
Het Paradisodebat werd afgesloten met een paneldiscussie tussen politici aan de hand van stellingen. Daarover bleken de meningen zo eensgezind, van links tot rechts, dat van een echte discussie met tegenstellingen en tegenwerpingen geen sprake was. Naar aanleiding van de stelling ‘Europa moet zich losmaken van Big Tech en de digitale infrastructuur in publieke handen brengen – ook als dat miljarden kost’ merkte VVD-er Erik van der Maas enkel op dat het niet ging om kosten maar om investeringen, die economische groei en banen opleveren. Zowel Barbara Kathmann (PRO) als Jantine Zwinkels (CDA) benadrukten hoe essentieel het is om onafhankelijk te zijn en goede regelgeving te ontwikkelen.
Het vuur vlamde even op toen Laurens Dassen (Volt) zijn verbazing uitsprak over het huidige kabinet dat geen geld heeft uitgetrokken voor digitalisering. Sarah El Boujdaini (D66) gaf daarop weerwoord: “De overheid geeft jaarlijks 9 miljard euro uit aan ICT en die moeten onder de staatssecretaris digitale soevereiniteit naar Europese initiatieven worden bijgebogen. De overheid zou bijvoorbeeld launching customer kunnen zijn voor ChatGPT-NL.” Maar dat ging er niet in bij Dassen. “De overheid zit nog steeds vast aan Microsoft en betaalt Big Tech iedere week miljoenen.” Hij bracht daarbij de contracten in herinnering die de Nederlandse defensie vorig jaar heeft gesloten met de omstreden Amerikaanse datagigant Palantir. Waarop Dijk instemde: “We bouwen de samenwerking met Palantir de komende twee jaar af en gaan op zoek naar een Europees alternatief,”
In een korte reactie stelde Niels Zagema, VN-jongerenvertegenwoordiger Europese Zaken, dat jongeren steeds vaker AI gebruiken maar behoefte hebben aan randvoorwaarden. Volgens hem moet vooral de vraag worden gesteld: wat willen we ermee? Ook pleitte hij voor het monitoren van de impact van AI op onderwijs, om ervoor te zorgen dat AI het kritisch denkvermogen vergroot in plaats van verzwakt.
Ook de tweede stelling – Als generatieve AI onze democratie ondermijnt, moeten we bereid zijn bepaalde AI-toepassingen te verbieden – kon rekenen op consensus. Alleen Heera Dijk van D66 vond verbieden te ver gaan voor een technologie waarvan de mogelijkheden eerst nog moeten worden verkend. Van der Maas van VVD toonde zich voorstander voor achteraf reguleren, terwijl Volt-voorman Dassen AI gelijk stelde aan medicijnen die ook uitgebreid moeten worden getest voordat ze de markt op mogen. Mohammed Mohandis van PRO memoreerde dat de AI-Act van de EU al wordt aangescherpt, maar stelde een meer geïntegreerd beleid voor, over verschillende ministeries heen. Volgens hem moet niet alleen de democratie worden beschermd maar dreigt nu uitholling van de publieke sector en het onderwijs.
Het voorstel van de Raad voor Cultuur om een taskforce generatieve AI de risico’s en mogelijkheden van de nieuwe technologie in kaart te laten brengen, kon onder de politici op weinig bijval rekenen. “Zo’n commissie is teveel van het goede”, vond Van der Maas. Terwijl Dassen juist zwaardere middelen wil inzetten. “Dit is chefsache, het moet bovenaan de politieke agenda staan.”
Hoewel het opvallend weinig was gegaan over de impact van AI op de cultuursector, hadden alle politici hun antwoord klaar toen hen gevraagd werd wat zij in 2027 gaan doen om de sector te helpen. Eerlijke betaling regelen en auteursrechten veiligstellen, stonden op het to do-lijsten van D66, PRO en CDA. De VVD wil piraterij bestrijden en AI-regulering op gang brengen. Alleen Volt pleitte voor meer geld, om zo snel mogelijk onafhankelijk te worden van Big Tech.
Foto: Jelmer de Haas
8 september 2026
